Gefailleerden

Wanneer men een bedrijf heeft en langzaam naar het faillissement gaat, dan gaat men zich afvragen in hoeverre het faillissement van het bedrijf sporen achterlaat in het privé-vermogen. Dit hangt van de rechtsvorm af, of de onderneming is ondergebracht in een stichting of in een rechtspersoon. Zo verschilt de invloed op het vermogen dus bij een eenmanszaak, vennootschap onder firma en een maatschap.

 


Eenmanszaak en maatschap
Wanneer een onderneming failliet gaat en deze is een eenmanszaak, dan kan er beslag worden gelegd op het totale vermogen, hier hoort ook het privé-vermogen bij. Een maatschap kan men niet failliet verklaren. Maar wanneer één van de maten failliet gaat, dan eindigt hierbij ook de maatschap.

 


VOF (vennootschap onder firma)
Bij een VOF is er naast het privé-vermogen (van de vennoten) ook nog het vennootschapsvermogen. De faillietverklaring van de VOF zorgt voor een onafwendbaar faillissement van alle leden van het vennootschap. Wanneer één van de leden van het vennootschap failliet gaat heeft dit niet het faillissement van de VOF tot gevolg, maar wel de ontbinding. Als de boedel van de VOF niet voldoende is, kunnen de schuldeisers ook aanspraak hebben op de privé-boedels van de ‘firmanten’(firmanten zijn hoofdelijk aansprakelijk bij de VOF).

 


CV (commanditaire vennootschap)
Bij het faillissement van het CV brengt dit ook het faillissement mee van één of meerdere beherende vennoten. Stille vennoten en geldschieters (met vermogen) zijn hierdoor niet getroffen en blijven buiten het faillissement. Alleen het geïnvesteerde bedrag in de CV loopt dan bij een faillissement risico.

 

 

Rechtspersonen
Onder rechtspersonen wordt verstaan: N.V.’s, B.V.’s, coöperaties, verenigingen en stichtingen. Wanneer deze rechtspersonen failliet worden verklaard dan heeft dit uitsluitend betrekking op vermogen van de rechtspersoon. Het privé-vermogen van ‘bestuurders’ wordt buiten het faillissement gehouden. Er zijn echter speciale situaties, waarin een dergelijke bestuurder toch privé aansprakelijk wordt gehouden. Wanneer men niet alleen als bestuurder een overeenkomst heeft getekend, maar ook als privé-persoon, dan is men ook privé aansprakelijk voor het faillissement van de onderneming. Dit kan het geval zijn, wanneer men bijvoorbeeld bij een bank geld leent voor de onderneming. Verder, wanneer er sprake is van onbehoorlijk bestuur door: het niet nakomen van verplichtingen, niet deponeren van jaarstukken en het ontbreken van boekhouding en de curator kan aantonen dat deze het faillissement als gevolg heeft, kunnen bestuurders toch privé aansprakelijk worden gehouden.

 

Nalatenschap
Het verzoek tot faillissement van een nalatenschap volgt van één of meer schuldeisers van de overledene, hier moet bewezen worden dat de desbetreffende overledene zich in omstandigheden bevond, dat hij opgehouden was te betalen of dat er niet voldoende was om de schulden van de overledene te betalen. Normaal gesproken wordt de boedel van de schuldenaar gescheiden van die van de erfgenamen (van rechtswege). Dit houdt in dat de schuldeisers van de erfgenamen geen aanspraak hebben op de nalatenschap.