Schuldsanering

Wanneer niet alle schuldeisers met de regeling akkoord gaan, bestaat er geen mogelijkheid meer voor het minnelijke traject. Er wordt door de schuldhulpverlener een verzoekschrift opgesteld en een verklaring als bijlage. Deze documenten worden naar de rechtbank verstuurd en daarna wordt men opgeroepen om te verschijnen bij de rechtbank. Bij de zitting, wordt er door de rechter gevraagd naar aanvullende informatie en wordt men geïnformeerd over de verplichtingen van de Wsnp (Wet schuldsanering natuurlijke personen). Normaal gesproken wordt tijdens deze zitting bekend gemaakt of men toegelaten wordt tot de Wsnp of niet.

Wanneer het aanbod aan de schuldeisers redelijk is en deze niet willen meewerken, kan met hulp van de rechtbank een schuldregeling worden opgelegd aan de desbetreffende schuldeisers. Dit is dan een verzoek tot dwangakkoord. Dit verzoek wordt samen met het verzoek tot Wsnp gedaan. Indien door de rechtbank besloten wordt dat deze schuldregeling van kracht is, vervalt het verzoek tot toelating tot Wsnp. Wanneer de schuldregeling niet wordt toegekend, kan het verzoek tot Wsnp nog altijd gehandhaafd worden.

 

Om in aanmerking te komen voor een wettelijke schuldsanering (Wsnp) is het niet nodig om voor een minimum bedrag verschuldigd te zijn. Het criterium om in aanmerking te komen voor deze schuldsanering is dat er sprake is van problematische schulden. Hiermee wordt bedoeld dat de schulden in vergelijking tot het inkomen te hoog zijn opgelopen. Afbetaling is eigenlijk niet meer mogelijk zonder dat de financiële schulden nog verder oplopen.

 

Tijdens het Wsnp traject leeft met van een minimum en het overige inkomen of uitkering wordt gebruikt om de schulden terug te betalen. Om te kijken op hoeveel loon men nog recht heeft, moet eerst berekend worden hoeveel de persoon zou ontvangen bij een bijstanduitkering (inclusief vakantiegeld). Daar kan dan 90% van ingehouden worden. Dit wordt ook wel “de beslagvrije voet” genoemd. Alles wat meer verdiend wordt moet de desbetreffende uitkerende instantie of werkgever betalen aan de deurwaarder. Dit kan een flink bedrag worden, naarmate het inkomen van de persoon (stuk) hoger is.

 

Één van de andere voorwaarden is dat er een postblokkade is in de eerste dertien maanden, waar de bewindvoerder de desbetreffende post ontvangt en minstens één keer per week doorstuurt naar de schuldenaar. Verder moet de schuldenaar de bewindvoerder ook toestemming vragen voor betalingen. Wanneer dit proces goed verloopt, dan is de schuldenaar na drie jaar af van de schulden en kan met een schone lei beginnen.