Oudedagslijfrente
Er is hier sprake van een tijdelijke oudedagslijfrente en een levenslange oudedagslijfrente. Als de lijfrente eenmaal tot uitkering komt, dan moet men kiezen of er voor een tijdelijke of levenslange uitkering gekozen wordt. De levenslange oudedagslijfrente kan het pensioen aanvullen. Deze mag ook op iedere datum ingaan, alleen moet dit wel voor het 70ste levensjaar zijn. Men is vrij in het definiëren van de hoogte van de lijfrente-uitkering.
De levenslange uitkering stopt bij overlijden, maar de partner of andere nabestaanden kunnen nog wel een aandeel krijgen als dat geregeld is. Echter, de uitkeringen worden hierdoor wel lager, dan wanneer dit niet afgesproken is.
Wanneer er gekozen wordt voor een tijdelijke lijfrente-uitkering, dan moet de ingangsdatum de dag zijn waarop men 65 jaar wordt. Als men eerder met pensioen gaat, dan wordt de pensioendatum de uiteindelijke ingangsdatum. De tijdelijke lijfrente-uitkering loopt op z’n minst vijf jaar.






