Sparen en beleggen

Er kan geld belegd worden in verband met de levensloopregeling. Hiermee is wel een kans dat de uitkomsten van de beleggingen, dus de resultaten tegenvallen. Een consequentie kan zijn dat er uiteindelijk minder lang verlof opgenomen kan worden of dat er toch langer dan gepland doorgewerkt moet worden.


Sommige beleggingsaanbieders bieden de optie aan om eventueel over te stappen van sparen naar beleggen of van beleggen naar sparen. Aan het beleggen zitten wel transactiekosten vast, daarnaast bieden veel beleggingsaanbieders maar weinig keuzes qua fondsen aan. Goed om te weten is ook dat bedrijven een collectieve afspraak kunnen maken met een beleggingsaanbieder. Hiermee kunnen alle werknemers van het desbetreffende bedrijf bij de aanbieder een rekening openen. In de CAO zou vermeld moeten staan of de werkgever ook meebetaalt, maar hoe dan ook zijn de werkgevers niet verplicht mee te betalen.

 

Beleggen

Sparen in verband met de levensloopregeling kan heel gemakkelijk. De spaarrekening die men kan openen heet een ‘levenslooprekening’. Deze rekening kan een persoon zelf openen bij een bank, een verzekeraar of een pensioenfonds. De werkgever zou hier dan eventuele overuren op kunnen storten. Hiernaast kan het gespaarde geld simpel meegenomen worden van de ene baan naar de andere, omdat de levenslooprekening altijd op naam van de werknemer staat.

 

Er mag per jaar niet meer dan 12 procent van het jaarlijkse inkomen gespaard worden. Hierover hoeft dan ook geen loonbelasting betaald te worden. Wel moeten er sociale premies over de storting betaald worden. Het totaal gestorte geld mag uiteindelijk niet meer dan 210 procent van het laatstverdiende jaarloon zijn. Dit staat dus gelijk aan drie jaar verlof tegen 70 procent verlof van het laatst behaalde salaris.


Werknemers die tussen 1 januari 1950 en 1 januari 1955 geboren zijn mogen meer sparen, maar hier geldt ook dat het bedrag niet hoger mag zijn dan 210 procent van het laatst behaalde salaris. De werkgever zou moeten bijhouden hoeveel de werknemer precies gespaard heeft. Per jaar mag er niet meer dan 100 procent van het laatste jaarloon opgenomen worden. Er hoeft pas loonbelasting betaald te worden over het bedrag wanneer het opgenomen is.