Pensioenovereenkomst

Pensioenovereenkomsten hebben te maken met de hoogte van het eigen vermogen. Het gaat ook om de vraag of de pensioenuitvoerder beleggingsvrijheid heeft en dan zelf verantwoordelijk is voor de beleggingen. Al met al komt het neer op drie type´s overeenkomsten, elk met hun eigen eigeschappen en manier van functioneren. Er zijn drie verschillende pensioensystemen:

 

  • De uitkeringsovereenkomst
  • De kapitaalovereenkomst
  • De premieovereenkomst

 

Een uitkeringsovereenkomst wordt gebruikt wanneer de hoogte van een pensioenuitkering al vaststaat bij ingang van het pensioen. Deze uitkeringsovereenkomst is gerelateerd aan een eindloonregeling en een middelloonregeling. Hierbij loopt de werknemer geen risico qua beleggingen, dit risico is compleet voor de pensioenuitvoerder.


Een kapitaalovereenkomst wordt gebruikt als de hoogte van het vermogen bij ingang van het pensioen al vaststaat. Het vermogen moet op de pensioendatum omgezet worden in een uitkering die per periode wordt uitgekeerd. Natuurlijk tegen actueel geldende lijfrentetarieven. Ook hier is het beleggingsrisico gedurende de opbouwfase voor de pensioenuitvoerder maar het langlevenrisico voor de werknemer.


De premieovereenkomst wordt uitgevoerd als de pensioenuitvoerder de beleggingsvrijheid heeft en daarvoor verantwoordelijk is. De pensioendeelnemer kan echter zelf ook de mogelijkheid hebben de beleggingen zelf te doen. Als de pensioendeelnemer dit heeft gedaan, dan adviseert de pensioenuitvoerder de pensioendeelnemer nog wel over onder andere een eventuele spreiding van beleggingen in verband met de duur van de tijd tot aan de pensioendatum. De pensioenuitvoerder adviseert dus voornamelijk om te zorgen dat het beleggingsrisico niet al te groot wordt. De pensioenuitvoerder onderzoekt éénmaal in het jaar hoe het gaat met de beleggingen van de pensioendeelnemer.