Pensioenopbouw in het buitenland
Wanneer men in het buitenland wonende en werkende is maar toch de oudedagsvoorziening min of meer vanuit Nederland wil opbouwen zijn er drie mogelijkheden die men zou kunnen toepassen qua pensioenregeling. Op de premies die betaald worden in verband met de pensioenregeling of lijfrenteverzekering, kan er soms een omkeerregel van toepassing zijn.
De omkeerregeling betekent dat premies in mindering worden gebracht op het belastbare inkomen. Tegelijkertijd worden de uitkeringen te zijner tijd belast. De toepassing van de omkeerregel kan echter alleen gedaan worden als het pensioen of de lijfrente ondergebracht wordt bij een Nederlandse verzekeraar die dus ook in Nederland gevestigd moet zijn. Ook moet er in Nederland belasting betaald worden. Wanneer men dus geen belasting betaald in Nederland en ook geen inkomen heeft, kan er geen gebruik gemaakt worden van deze omkeerregel.
Als men terug naar Nederland wil verhuizen om daar weer definitief te gaan wonen, dan kan er nog een manier toegepast worden. Wanneer men in het buitenland deelneemt aan een buitenlandse pensioenregeling, dan kan eventueel het pensioen bij terugkomst ondergebracht worden bij een Nederlands pensioenfonds. Desalniettemin is het beter wanneer men het opgebouwde pensioen (of het gedeelte wat opgebouwd is in het buitenland) laat staan bij het buitenlandse pensioenfonds en later uit laat keren vanuit het desbetreffende land. De termijnen van het pensioen zullen niet in Nederland belast worden.
De beste oplossing wanneer iemand in het buitenland woont en werkt is toch echt daar geld apart te leggen voor de oudedagsvoorziening. In het aanwenden van het desbetreffende kapitaal is men volkomen vrij. Als men daarna uiteindelijk terugkomt in Nederland, moet hierover 1,2 procent belasting betaald worden.
Dit bedrag kan niet na de terugkomst met terugwerkende kracht in een Nederlandse pensioenverzekering teruggebracht worden. Als de buitenlandse werkgever tot een Nederlands bedrijf of concern hoort dan kan dit echter wel. De lijfrentepremies kunnen alleen bij een bewijsbaar pensioentekort gestort worden. Of dit verstandig is hangt af van het huidige inkomen en daarnaast ook het toekomstige inkomen na de pensioendatum.






