Uitstellen pensioen

Het uitstellen van het pensioen kan niet altijd zomaar en is ook niet meteen gemakkelijk te regelen. Er zijn een hoop dingen die ermee te maken hebben hoe het eventueel geregeld kan worden. Mocht het lukken, dan kan men ook nog kiezen om deels wel met pensioen te gaan en deels niet.

In de toekomst zullen weer meer 65-plussers door gaan werken na hun pensioen. De reden waarom men het pensioen wil uitstellen heeft te maken met een aantal aspecten. Ten eerste lijken de 65-plussers van tegenwoordig langer en gezonder te leven. Ook zijn er een hoop alleenstaande, zelfstandige vrouwen en migranten die geen volledige pensioenuitkering krijgen en daarnaast ook maar een bepaald deel van de AOW-uitkering. Vooral voor deze mensen is het dus best belangrijk om nog even wat langer door te werken en dus extra geld te verdienen.

Het langer doorwerken betekent ook een recht op meer pensioen, dit is dus een fiscaal voordeel. De belastingheffing is op twee manieren anders na het 65ste levensjaar dan ervoor. De twee aspecten die anders zijn, zijn de AOW en de heffingskorting. Zoals eerder genoemd hoeven er geen premies meer over de AOW betaald te worden, wanneer men 65 jaar is geworden. Hierdoor wordt er meer inkomen overgehouden. Iedereen onder en boven de 65 jaar heeft recht op een heffingskorting. De heffingskorting is een korting die men krijgt op de te betalen belasting. Voor het 65ste levensjaar is deze heffingskorting € 2043,- daarna € 957,-. Deze korting wordt ontvangen of men nu wel of niet werkt.

 

Wanneer een persoon na het 65ste levensjaar ook nog doorwerkt, krijgt diegene daarnaast nog een arbeidskorting. Deze arbeidskorting kan niet meer zijn dan € 1001,-. Wanneer het inkomen na het 65ste levensjaar lager is dan € 31.757,- per jaar dan ontvangt men zelfs nog een ouderenkorting van € 380,-. Door deze kortingen wordt er dus meer belasting overgehouden.

Wat voor invloed doorwerken op het pensioen heeft, ligt eraan of men bij de werkgever waar de persoon op het moment voor de pensioendatum werkt, blijft werken, of dat de persoon ergens anders gaat werken. Als men blijft werken bij de huidige werkgever dan kan er naast het salaris ook pensioen ontvangen worden (zoals eerder besproken), het pensioen kan ook uitgesteld worden, waardoor de pensioenuitkering verder kan groeien. Wanneer men voor een andere werkgever aan het werk gaat kan de pensioendatum niet uitgesteld worden.

 

Hiernaast is het ook moeilijk om een uitstelling van de pensioendatum te krijgen voor een pensioen dat bij vorige werkgevers is opgebouwd. De hoogte van het pensioen en de uitkering van het salaris hoeven niets met elkaar te maken te hebben. De AOW kan niet uitgesteld worden, deze wordt altijd vanaf het 65ste levensjaar ontvangen. Als men de hoogte van de belastingheffing wil berekenen dan moet men het salaris, de AOW-uitkering en het pensioen bij elkaar optellen. Hierover hoeft dan ook nooit meer dan 52 procent belasting betaald te worden.