Wet uitkeringen burgerslachtoffers
De Wubo geeft een financiële steun aan mensen die burgerletsel hebben opgelopen gedurende de oorlog en hierdoor langdurig geschaad zijn op hun gezondheid. Door deze vreselijke ervaring als burgerslachtoffer zijnde heeft men recht op een belastingvrije toeslag. Ook kan men een maandelijkse uitkering krijgen als er door gezondheidsschade minder inkomen is verdiend. Wie heeft recht op de Wubo?
- De Wubo is voor mensen die onder Duitse of Japanse bezetting psychisch of lichamelijk letsel opgelopen hebben als burger. Dit kan zijn door bijvoorbeeld bomaanslagen, schietincidenten, evacuaties en andere levensbedreigende situaties.
- Mensen die als burger psychisch of lichamelijk letsel opgelopen hebben met betrekking tot maatregelen namens vijandelijke machten. Dit is bijvoorbeeld wanneer men in vrijheid geschaad is, in de gevangenis of een strafkamp heeft gezeten, verplicht werk moest doen, ondergedoken heeft gezeten of mishandeld is.
- Mensen die lichamelijk letsel opgelopen hebben bij maatregelen namens de vijand die tegen iemand anders gericht waren, een voorbeeld hiervan kan een verdwaalde kogel zijn.
- Mensen die op jonge leeftijd psychisch letsel opgelopen hebben door geconfronteerd te worden met mishandeling (zware), doodslag of executies van andere mensen gedurende de Tweede Wereldoorlog.
- Mensen die voorgoed invalide zijn geworden in of gedurende de oorlog door bijvoorbeeld een ontploffing wat andermans schuld was.
- Mensen die gedurende de Bersiap-periode, deze periode was tussen 15 augustus 1949 en 27 december 1949, in het eertijdse Nederlands-Indië door bepaalde belemmeringen voorgoed psychisch of lichamelijk letsel opgelopen hebben. Dit kan bijvoorbeeld zijn door schietincidenten, bomaanslagen, rellen of door een geforceerd verblijf in een extremistisch kamp.
Ook weduwen en minderjarigen kunnen aanspraak maken op deze uitkering.
Wanneer men zich schandelijk heeft gedragen gedurende de oorlog vanuit het Nederlands nationaal oogpunt, dan geldt deze uitkering niet. Men kan geen Wubo-uitkering krijgen wanneer men, ten eerste een militair invaliditeitspensioen heeft. Ten tweede een Wbp, Wbpzo of Wiv pensioen heeft. Ten derde een Wuv-uitkering heeft. Of ten vierde na het 65ste jaar van het burgeroorlogsslachtoffer getrouwd was en niet meer dan tien jaar getrouwd was geweest of samen geleefd had toen het burgeroorlogsslachtoffer overleed.
Principieel moet het burgeroorlogsslachtoffer een Nederlandse nationaliteit hebben en in Nederland gevestigd zijn. De raadkamer kan wel een uitzondering maken door middel van de anti-hardheidsclausule. Er moet een duidelijke solidariteit zijn met de Nederlandse samenleving wanneer het letsel opgelopen is en ook wanneer de aanvraag wordt gedaan. Hiernaast moet het bruto gemeenschappelijk maandelijks inkomen lager zijn dan de minimum grondslag wat recentelijk € 1.867,87 is. Een laatste uitzondering is wanneer de vestiging buiten Nederland was door speciale omstandigheden, een voorbeeld hiervan kan een medische verplichting zijn.






