Medische onderzoeken en vergoedingen
De eerste medische specialistische zorg waarover meer uitleg gegeven wordt is transplantatie. De onderdelen van transplantatie zijn: bot-, beenmerg-, hoornvlies-, huidweefsel-, hart-, nier-, lever-, long-,hart-, long- en nier- pancreas transplantatie. Deze transplantaties vallen onder de ‘Wet Bijzondere Medische Verrichtingen’, om het doen van transplantaties moeten artsen een vergunning krijgen en niet in ieder ziekenhuis worden deze gegeven.
Voordat een patiënt een transplantatie krijgt, komt deze eerst op een wachtlijst te staan bij de ‘Nederlandse Transplantatie Stichting', deze stichting en de Stichting Eurotransplant (Eurotransplant International Foundation) werken samen om zoveel mogelijk donoren te vinden. Hierbij worden internationale donoren uitgewisseld tussen Nederland, België, Luxemburg, Duitsland, Oostenrijk en Slovenië. De kosten die worden vergoed in verband met een transplantatie zijn:
- Wanneer er transplantatiemateriaal bij de gekozen donor weggehaald wordt
- Wanneer er een donor geselecteerd wordt
- Het onderzoek, de preservering en het vervoer van transplantatiemateriaal
- Het vervoer van de persoon die donor is
- Wanneer de donor in het buitenland woont, dan wordt het vervoer na Nederland en weer terug vergoed
Het is belangrijk te weten dat verblijfskosten in Nederland in verband met transplantatie niet vergoed worden. De tweede specialistische manier van zorg is advisering over erfelijkheid. Dit onderzoek wordt altijd in een klinisch-genetisch centrum gedaan. De huisarts of een verloskundige kan de patiënt doorverwijzen naar dit centrum zodat een medisch specialist erfelijkheidsadvies kan geven. Hierbij maakt de specialist gebruik van een stamboomonderzoek en daarnaast een laboratorium onderzoek. Advisering in verband met erfelijkheid wordt gegeven, wanneer een kind een aangeboren aandoening heeft die eventueel erfelijk zou kunnen zijn. Wanneer de ouders een erfelijke ziekte hebben of er iemand in de familie is die een bepaalde erfelijke aandoening heeft.
Onder het erfelijkheidsonderzoek vallen Chromosomenonderzoek, een DNA-onderzoek, een biochemisch onderzoek of een familie onderzoek. Het chromosomenonderzoek is zelfs mogelijk bij een ongeboren kind. Of de baby een aandoening heeft, kan via een vlokkentest, een vruchtwaterpunctie of een navelstrengpunctie onderzocht worden. Bij een DNA-onderzoek worden de genen op een erfelijkheidsaandoening gecontroleerd, hierbij wordt er gekeken of er een bepaalde afwijking in het gen te vinden is.
Een biochemisch onderzoek wordt gedaan, wanneer er speculaties zijn dat er iets mis is met de stofwisseling van een patiënt. Als laatste wordt er bij een familieonderzoek nagegaan of een bepaalde uitkomst nadelen kan hebben voor familieleden. Betreffende de vergoedingen voor een familie onderzoek, moet men bij de zorgverzekeraar zich laten informeren.
Bij een nierdialyse wordt er nagegaan of de nieren goed werken, de nieren horen het bloed te zuiveren, wanneer dit niet goed gaat kan dit levensbedreigend zijn. Twee onderzoeken binnen de nierdialyse zijn een hemodialyse en een peritoneaaldialyse. De vergoeding voor deze onderzoeken hangt af van het soort onderzoek, de behandeling, de zorg voor de behandeling en de psychologische ondersteuning bij het onderzoek.
Bij een audiologisch onderzoek wordt er gekeken naar de hoortoestand van een patiënt, bijvoorbeeld de toestand van doven en slechthorenden. De patiënten worden ondersteund in het omgaan met de handicap en daarnaast gekeken of er eventueel iets verbeterd kan worden. De basisverzekering dekt de hulp die door het audiologisch centrum gegeven wordt, wanneer er een doorverwijzing van de huisarts, een KNO-arts of een kinderarts gegeven is. Binnen de audiologische zorg vallen: het onderzoek, advies over eventuele gehoorapparaten, voorlichting voor het gebruik van de gehoorapparaten, psychologische zorg en hulp bij de diagnose voor kinderen onder de 7 jaar.
Bij trombose komt er een bloedstolsel in het bloedvat, wat levensbedreigend kan zijn. Trombosediensten zijn in heel Nederland te vinden. De patiënt die trombose heeft krijgt antistollingsmiddelen, er wordt echter wel goed nagegaan of dit ook schadelijk kan zijn. Wat binnen de hulp van de trombosedienst valt zijn de volgende aspecten: het afnemen van bloed, laboratorium onderzoek, bruikleen van apparaten, advies over gebruik apparaten, advies over toepassen geneesmiddelen.
Bij plastische chirurgie wordt er alleen een vergoeding gegeven wanneer dit met een medisch probleem te maken heeft. De cosmetische ingrepen worden dus niet vergoed. De behandeling moet van te voren worden aangevraagd en via foto's wordt de verzekerde beoordeeld of het vergoed mag worden of niet. De behandelingen die onder de vergoeding vallen zijn: afwijkingen die in relatie staan tot lichamelijke functiestoornissen, verminking, verlamming of verslapping bij de oogleden bij een aangeboren afwijking of een chronische aandoening, aangeboren misvormingen en uiterlijke geslachtskenmerken bij transseksualiteit.
Bij chronische intermitterende beademing heeft een patiënt beademing nodig, doordat de patiënt vaak benauwd en versuft is en de spieren niet meer goed functioneren. De vergoeding hiervoor is de beademing, de zorg, verblijf en verpleging in het centrum waar de beademing wordt gedaan. Wanneer de beademing thuis wordt gedaan, moet het centrum zorgen dat het materiaal en de apparatuur daarvoor thuis aanwezig is (dit valt onder hulpmiddelenzorg). Bij de Stichting Kinderoncologie Nederland worden onderzoeken gedaan naar kinderen die kanker hebben. De aspecten die vergoed worden zijn diagnostiek en het coördineren en registreren van bloed-, stamcel- en beenmerg stoffen die ingezonden zijn.
Binnen de vruchtbaarheidsstoornissen valt de bevruchting buiten het lichaam van een vrouw en de bevruchting in het lichaam van de vrouw. Bij het eerste stoornis worden twee technieken gebruikt, dit zijn de IVF (bekend als de in-vitrofertilisatie) en de ICSI (bekend als de intra-cyptoplasmatische sperma-injectie). Beide technieken kennen vier trajecten: de eerste is de hormoonstimulatie, daarna worden de eicellen ontnomen, dan worden deze bevrucht en worden embryo's in het laboratorium gekweekt en als laatste worden de embryo's in de baarmoeder geïmplanteerd. Het hoeft niet altijd zo te zijn dat een vrouw alle fasen zodanig doorloopt, omdat er afwijkende situaties kunnen zijn. Wat betreft de vergoeding is het zo dat de basisverzekering het eerste, tweede en derde traject vergoedt. De vierde en eventuele nabehandelingen moeten gewoon door de verzekerde betaald worden. Ook verdere kosten voor spermadonatie en eiceldonatie zijn voor de rekening van de verzekerde. In de fase dat de vrouw bevrucht wordt worden twee technieken toegepast, deze zijn kunstmatige inseminatie en intra-uteriene inseminatie. Binnen deze behandeling kan men geen geneesmiddelen krijgen, maar heeft men wel recht op zorg.
- Verzekeringen
- Zorgverzekering
- Autoverzekering
- Levensverzekering
- Reisverzekering
- Woonverzekering
- Uitvaartverzekering
- Dierenverzekering
- Bruiloftverzekering
- Aansprakelijkheidsverzekering
- Financieringen
- Investeringen
- Pensioen
- Service






